Vergoeding dieetadvisering en voedingsvoorlichting 2014

Vergoedingen dieetadvisering via Aanvullende verzekeringen in 2014


De NVD heeft het definitieve overzicht ontvangen van zorgverzekeraars die dieetadvisering via de AV in 2014 vergoeden. Dit overzicht is met grote zorgvuldigheid opgesteld, maar dat het kan voorkomen dat er toch een fout in zit.Er kunnen geen rechten aan worden ontleend. De polis van de patiënt is ten alle tijden leidend. 


> Cursussen vanuit de aanvullende verzekering 2014

> Dieetadvisering vanuit de aanvullende verzekering 2014

> Dieetadvisering vanuit de Basisverzekering met DTD 2014

Dieetpreparaten vanuit aanvullende verzekering 2014

> Dieetpreparaten vanuit de Basisverzekering 2014

> Ketenzorg in polissen 2014

> Preventie door Gewichtsconsulenten en dietisten vanuit de aanvullende verzekering 2014

> Diëtetiek voor asielzoekers

Vergoeding dieetadvisering en voedingsvoorlichting 2014

De vergoeding voor dieetadvisering is op verschillende wijzen geregeld:

  1. Via de basisverzekering volgens de aanspraak ‘extramurale dieetadvisering’ in het Besluit Zorgverzekering (Bzv)
  2. Via ketenzorg
    a. Met integrale bekostiging
    b. Met bekostiging via GEZ-module / koptarief
  3. Als onderdeel van medisch specialistische zorg
  4. Als onderdeel van een zzp 3 of hoger (als behandelcomponent)
  5. Via de AWBZ in het kader van Continue Systematische Langdurige Multidisciplinaire zorg.
  6. Via aanvullende verzekeringen

 

De vergoeding voor voedingsvoorlichting is geregeld:

   7.   Via een preventiepakket als onderdeel van een aanvullende verzekering
   8.   Via cursussen of voorlichtingsbijeenkomsten.

 

De diëtist is bevoegd om, middels de regeling Directe Toegang Diëtist (DTD), zonder verwijzing patiënten te behandelen. Echter niet alle zorgverzekeraars vergoeden de behandeling als er geen verwijzing is.

Dieetadvisering

 

Ad 1. Via de basisverzekering volgens de aanspraak ‘extramurale dieetadvisering’ in het Besluit Zorgverzekering (Bzv)

Extramurale dieetadvisering is opgenomen in het Besluit Zorgverzekering (Bzv, 2013):
Dieetadvisering omvat voorlichting met een medisch doel over voeding en eetgewoonten, zoals diëtisten die plegen te bieden, tot een maximum van 3 behandeluren per kalenderjaar.

 

Extramurale dieetadvisering kan geleverd worden door:
- Een vrijgevestigde praktijk
- Een thuiszorgorganisatie
- Een instelling wanneer de behandeling van de patiënt niet wordt gefinancierd uit de instellingsbekostiging (bijvoorbeeld polikliniek op verwijzing van huisarts)

 

In de volgende situaties:
- Wanneer een patiënt thuis woont
- Wanneer een patiënt woont in een verzorgingshuis en een zzp 1 of 2 heeft.
- Wanneer een patiënt woont in een gezinsvervangende situatie.

 

De diëtist of de praktijk/instelling kan een contract afsluiten met de zorgverzekeraars voor het leveren van de zorg met de daarbij behorende tariefafspraken. Diëtisten die geen contracten afsluiten kunnen wel patiënten behandelen en bepalen hun eigen tarief. De patiënt ontvangt dan zelf de rekening die hij aan de diëtist/instelling betaalt. De patiënt kan de rekening declareren bij zijn zorgverzekeraar. Afhankelijk van de zorgverzekeraar en de polis ontvangt hij al dan niet een (gedeeltelijke) vergoeding.

NB. Wanneer de diëtist een eigen tarief hanteert, dient dit tarief vooraf met de patiënt te worden gecommuniceerd. Ook moet er een overzicht van de tarieven in de wachtkamer hangen.

 

Voor dieetadvisering via de basisverzekering is het eigen risico van toepassing.

 

Een overzicht van zorgverzekeraars en hun voorwaarden voor vergoeding van dieetadvisering via de basisverzekering treft aan in bijlage 1. (Aan dit overzicht kunnen geen rechten worden ontleend. In alle gevallen dient de patiënt zijn polis te raadplegen voor de regeling die op hem van toepassing is)

 


Ad 2. Via ketenzorg

Naast dieetadvisering geleverd en vergoed binnen de basisverzekering, kan dieetadvisering binnen de ketenzorg geleverd worden. Het gaat dan om dieetadvisering aan patiënten met DM type 2, COPD en cardiovasculaire risico’s.

 

Het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) heeft een standpunt uitgebracht over de vergoeding van dieetadvisering aan patiënten met Diabetes Mellitus type 2, Cardiovasculaire risico’s (CVR/VRM) en COPD binnen en buiten de keten. U treft dit standpunt aan in bijlage 2. Voor zorgverzekeraars is dit standpunt leidend bij de contractering en vergoeding.

 

Belangrijk hierbij te melden is dat de dieetbehandeling binnen een keten wettelijk niet gemaximeerd is. De patiënt dient kwalitatief verantwoorde zorg te ontvangen waarbij de zorgstandaard voor de betreffende aandoening leidend is.

 

Ad 2a. Ketenzorg met integrale bekostiging
Bij ketenzorg met integrale bekostiging  sluit de diëtist/instelling een contract af met een zorggroep. De diëtist/instelling is onderaannemer in de zorggroep. Contractueel wordt geregeld hoe de dieetadvisering eruit ziet en hoeveel uren gemiddeld worden geleverd. De diëtist declareert de dieetadvisering bij de zorggroep (dus niet bij de zorgverzekeraar).

 

Ad 2b. Ketenzorg via GEZ-module/koptarief
Ook bij ketenzorg met koptarief sluit de diëtist/instelling een contract af met een zorggroep. De organisatie van de zorg is echter zodanig dat elke contractant zelf rechtstreeks de zorg declareert bij de zorgverzekeraar.

Het CVZ geeft in haar standpunt weer dat de rechten van patiënten bij de verschillende vormen van ketenzorg gelijk zijn.

 

Voor dieetadvisering binnen de keten is het eigen risico niet van toepassing.

 

De ketenzorg is zeer divers georganiseerd. Een overzicht van de wijze waarop zorgverzekeraars hiervan in hun polissen melding maken treft u aan in bijlage 3.
(Aan dit overzicht kunnen geen rechten worden ontleend. In alle gevallen dient de patiënt zijn polis te raadplegen voor de regeling die op hem van toepassing is).

 

 

Ad 3. Als onderdeel van medisch specialistische zorg
In een ziekenhuis is dieetadvisering onderdeel van de dbc, die door de medisch specialist is geopend. Er vindt geen directe financiële afwikkeling plaats met de diëtist. De diëtist in het ziekenhuis kan de dieetadvisering registreren in de dbc onder speciale codes. Er is geen algemene regel over de omvang van de diëtistische zorg. Het CVZ ontwikkelt een standpunt over paramedische zorg als verzekerde zorg binnen medisch specialistische zorg. Dieetadvisering maakt hiervan onderdeel uit. Dit standpunt wordt medio 2013 verwacht.

 


Ad 4. Als onderdeel van een zzp 3 of hoger (als behandelcomponent)
In instellingen waar de bekostiging via zzp’s plaatsvindt, vormt dieetadvisering een onderdeel van de behandelcomponent die gekoppeld is aan de zzp. Omdat er veel discussie is over de omvang van de dieetadvisering binnen de zzp zal het CVZ medio 2013 ook hier een standpunt over uitbrengen.
Op dit moment is er geen vaste norm voor de hoeveelheid dieetbehandelingstijd per patiënt. Artsenwijzer Diëtetiek kan hiertoe leidend zijn. Op basis van de gemiddelde behandeltijd heeft de NVD  een adviesnorm opgesteld voor de formatie diëtetiek in verpleeghuizen. Zie hiervoor bijlage 4.

 

 

Ad 5. Via de AWBZ in het kader van Continue Systematische Langdurige Multidisciplinaire zorg (CSLM-zorg)
In bepaalde gevallen kan voor extramurale patiënten voor wie de zorg via de AWBZ is geregeld (verpleeghuis, gehandicaptenzorg, psychiatrie) een indicatie worden afgegeven voor CSLM-zorg. Paramedische zorg is alleen AWBZ-zorg als deze onderdeel uitmaakt van een multidisciplinair behandelplan en onder verantwoordelijkheid van een AWBZ-behandelaar wordt uitgevoerd. Dieetadvisering kan deel uitmaken van dit plan. Voor meer informatie zie:
http://www.cvz.nl/zorgpakket/awbz-kompas/behandeling/paramedische+behandeling/paramedische+behandeling.html
De instelling van waaruit de patiënt multidisciplinair wordt behandeld dient voor deze zorg een aanvraag te doen bij het CIZ. De financiering vindt via de instelling plaats.

 

 

Ad 6. Via aanvullende verzekeringen
Patiënten die in een jaar 3 uur dieetadvisering via de basisverzekering hebben ontvangen, kunnen voor dezelfde of een andere indicatie in datzelfde jaar ook nog dieetadvisering uit een aanvullende verzekering vergoed krijgen, mits zij deze verzekering hebben afgesloten.
Voor een overzicht van zorgverzekeraars en hun aanvullende polissen zie bijlage 5.
(Aan dit overzicht kunnen geen rechten worden ontleend. In alle gevallen dient de patiënt zijn polis te raadplegen voor de regeling die op hem van toepassing is)

 

NB. Het is niet toegestaan om eerst de uren van een aanvullende verzekering te gebruiken om daarna via de basisverzekering te declareren.

 

Patiënten die dieetbehandeling ontvangen via ketenzorg kunnen niet altijd een beroep doen op aanvullende verzekeringen. De zorgverzekeraar stelt zich op het standpunt dat binnen de keten zoveel zorg geleverd dient te worden als nodig is. De zorgverzekeraars voeren hierover geen eenduidig beleid.

 

Sommige zorgverzekeraars sluiten patiënten met een (enkelvoudige) BMI tussen 25 en 30 uit van behandeling via een aanvullende verzekering.

 

Voedingsvoorlichting

 

Ad 7. Via een preventiepakket, als onderdeel van een aanvullende verzekering

Een aantal zorgverzekeraars heeft in aanvullende pakketten een vergoeding opgenomen voor voedingsvoorlichting/preventie. Het betreft voorlichting die veelal ook vergoed wordt als deze door gewichtsconsulenten wordt geleverd.
Enkele zorgverzekeraars koppelen deze preventie aan patiënten met een BMI tussen 25 en 30.
Voor een overzicht van deze preventiepakketten zie bijlage 6. (Aan dit overzicht kunnen geen rechten worden ontleend. In alle gevallen dient de patiënt zijn polis te raadplegen voor de regeling die op hem van toepassing is).

 

De diëtist kan deze zorg niet rechtstreeks declareren bij de zorgverzekeraar. De patiënt ontvangt de rekening die hij aan de diëtist/instelling betaalt. De patiënt kan de rekening declareren bij zijn zorgverzekeraar. Afhankelijk van de zorgverzekeraar en de soort polis ontvangt hij al dan niet een (gedeeltelijke) vergoeding.

 


Ad 8. Via cursussen of voorlichtingsbijeenkomsten
Een overzicht van zorgverzekeraars met hun beleid op het gebied van vergoedingen voor preventieve cursussen treft u aan in bijlage 7. (Aan dit overzicht kunnen geen rechten worden ontleend. In alle gevallen dient de patiënt zijn polis te raadplegen voor de regeling die op hem van toepassing is).

 

De diëtist kan deze zorg niet rechtstreeks declareren bij de zorgverzekeraar. De patiënt ontvangt de rekening die hij aan de diëtist/instelling betaalt. De patiënt kan de rekening declareren bij zijn zorgverzekeraar. Afhankelijk van de zorgverzekeraar en de soort polis ontvangt hij al dan niet een (gedeeltelijke) vergoeding.

 

Bijlagen

 

    - Cursussen vanuit de aanvullende verzekering 2014

    - Dieetadvisering vanuit de aanvullende verzekering 2014

    - Dieetadvisering vanuit de Basisverzekering met DTD 2014

    - Dieetpreparaten vanuit aanvullende verzekering 2014

    - Dieetpreparaten vanuit de Basisverzekering 2014

    - Ketenzorg in polissen 2014

    - Preventie door Gewichtsconsulenten en dietisten vanuit de aanvullende verzekering 2014